Zonneklopper zoekt zeebries
Libelle – 11 juni 2011
Tekst: Nathalie Van Laecke
Murcia zegt je niet veel? Je moet er maar eens op letten: de Spaanse paprika’s, tomaten en sinaasappelen die je in de supermarkt vindt, komen bijna allemaal uit deze regio. Maar Murcia – in het zuidoosten van Spanje – mag elders dan wel bekend zijn voor z’n groenten en fruit, in Spanje zelf is de provincie vooral in trek om zijn badplaatsen. En die zijn niet, zoals aan de meeste Spaanse costa’s, doordrenkt van te veel sangria en te veel paella!
36 x zand
In de meest zuiderse uithoek van de Costa Calida ligt Aguilas, een stad waar zonnekloppers graag naartoe trekken. Het regent er hoogstens dertig dagen per jaar en de gemiddelde temperatuur zakt niet onder de tweeëntwintig graden. De stad strekt zich uit over twee baaien langs de Middellandse Zee. In de ene baai vind je de oude stad en de vissershaven, in de andere het nieuwe deel van de stad. Vooral de authentieke sfeer die in het oude stadshart hangt, valt bij Spanjaarden en bezoekers in de smaak.De Griekse scheepsmagnaat Aristoteles Onassis (je weet wel, die van Maria Callas en Jackie Kennedy) meerde er in de jaren zestig aan met zijn jacht. Hij was zo dol op het stadje. dat hij zijn boot er permanent stationeerde; het gevaarte is er nog steeds te bewonderen. Maar Aguilas’ allergrootste troef is ‘strand’.Zesendertig stranden zijn er in totaal! Wij trekken naar Playa de la Carolina. Deze twee kleine strandjes liggen in een inham waar je langs een onverharde weg naartoe moet. Het zand is er goudgeel en het water warm en azuurblauw. Een uitgelezen plaats om rustig te plonzen of te snorkelen langs de rotsen.
Waar is de walvis?
Nog een crème van een badplaats is Puerto de Mazarrón. Hier geen hoge witte blokken van hotels langs het strand, er is alleen laagbouw. Een van de meest authentieke plaatsen ín de stad is de vissershaven. Tweemaal daags wordt er uitgevaren voor de vangst.Die wordt bij aankomst meteen verkocht in de plaatselijke vismijn. Als particulier kun je hier geen vis kopen, maar de vissers van Puerto de Mazarrón houden er een fijne traditie op na: ze delen gratis wat van hun vangst uit aan wie hen bij het binnenvaren van de haven staat op te wachten.Ook in deze haven ligt de Kayram – een charmante oude vissersboot die uitvaart om walvissen, dolfijnen en reusachtige zeeschildpadden te spotten. Kapitein Tony en zijn bemanning lachen als ik vraag hoeveel walvissen we zullen zien. ‘Daar moet je vroeger voor opstaan’, zegt hij. We moeten drie à vier uur varen voor we in hun leefgebied zijn’. Zo’n walvistocht vertrekt dus voor dag en dauw, maar de kans is groot dat wij wel dolfijnen zien, want die naderen de kust tot honderd meter. Helaas, net vandaag blijkt Flipper een rustdag te hebben ingelast. Wel heb je aan boord een prachtig uitzicht op de baai van Mazarrón en op de vele stranden in de buurt. De vier grootste worden tijdens de zomermaanden in een themakleedje gestopt: er is een cultuurstrand met een openluchtbibliotheek, een kidsstrand met gratis oppaszone, een rustig seniorenstrand en een sportstrand waar beachvolleyball wordt gespeeld. De boottocht is z’n geld meer dan waard, maar je moet er wel een sterke maag voor hebben want de boot deint lustig mee op de golven. Vooraf reserveren is een must.Meer weten? Zie www.cetaceosynavegacion.com
Zeewater happen
Puerto de Mazarrón is het mekka voor wie van watersport houdt. Je kunt er watertrappelen, paragliden, op zo’n banaan over de golven sjezen, wakeboarden, waterskiën…Omdat je alles in het leven eens moet geprobeerd hebben, besluit ik ook de latten aan te trekken. In de jachthaven vertrekken we met een supersnelle rubberboot richting volle zee. Instructeur David geeft onderweg een spoedcursus. Mijn skilatten moet ik in het water aantrekken, daarna in gehurkte houding gaan zitten. de stick vastnemen, wachten tot het touw gespannen staat, me concentreren en dan met behulp van m’n armspieren overeind komen terwijl de boot volle gas vooruÍtschiet. Moeilijk lijkt dat niet. David vraagt of we kunnen. lk steek mijn duim omhoog: Paraat! De motor gromt vervaarlijk, ik voel de boot op volle kracht trekken en probeer de stick krampachtig bij te houden. Dat lukt me welgeteld tien seconden, net niet genoeg om overeind te komen. lk val voorover en hap een enorme slok water binnen. De boot komt terug en ik krijg zowaar applaus van de bemanning.’Goed hoor’, zegt David. Nu moet je proberen om je armen te strekken en je benen gebogen te houden. Als je uit het water bent, komt het eropaan je evenwicht te vinden.’ lk probeer het nog eens maar dit keer schiet mijn linkervoet uit de lat. Opnieuw slik ik een gigantische hoeveelheid zeewater. Maar ik voel dat het zal lukken. Na nog zes pogingen raak ik eindelijk overeind.lk blijf honderd meter achter de boot hangen (zij het nog niet zo elegant) maar dan moet ik loslaten. Mijn handen doen pijn en mijn armen zijn verzuurd geraakt. De mannen op de boot fluiten van bewondering – blijkbaar doe ik het goed voor een beginneling. Waterskiën vreet energie, de meeste leerlingen houden het niet eens vijf pogingen vol. lk mag best trots zijn op mezelf. En als ik niet zo moe was, zou ik meteen werken aan mijn stijl.
Eten bij Pepe
Tegen stijve spieren en stramme gewrichten bestaat er volgens de Spanjaarden geen betere remedie dan baden in het water van Mar Menor. Dit reusachtige zeewatermeer wordt door een smalle strook land gescheiden van de Middellandse Zee. Het zoute water wordt medicinale gaven toegedicht.En omdat het meer nergens dieper wordt dan acht meter heeft het altijd een aangename temperatuur. Strand vind je hier per strekkende meter. Wie op La Manga verblijft, heeft zelfs dubbel zoveel zand voor dezelfde prijs: aan de ene kant ligt de zee aan de overzijde het meer. Jammer genoeg vind je op deze tweeëntwintig kilometer lange landtong ook het ene hotel naast het andere. Meer charme vind je in Cabo de Palos, een traditioneel vissersdorpje op het zuidelijke schiereilandje aan het meer. Op zondag is er markt en zakken de locals naar hier af om in een van de vele restaurantjes bij het water te lunchen. Je kunt uitstekend eten in het legendarische restaurant El Pez Rojo, bij Pepe Garcia. Enkele meer mondaine badplaatsen vind je aan de overzijde van Mar Menor. Los Alcázares is er één van. Het strand is hier erg in trek bij gezinnen met kinderen, want het water is er helder, warm en ondiep.Om dezelfde reden is het Mar Menor een superplek om te zeilen. In Los Alcázares is een zeilschool waar zelfs de allerkleinsten te water worden gelaten. Je kunt hier een zeilboot met kapitein huren of zelf de stiel leren.Meer weten? Zie www.yaquestay.com
Hagelwit & pikzwart
Zoek je een streep natuur tussen al dat strandgeweld? De regio heeft twee prachtige natuurgebieden. Het park van Calblanque is vooral een duikersparadijs, omdat de zeebodem hier bezaaid ligt met oude wrakken. Maar het allermooiste stukje Murcia vind je in het Parque Salinas de San Pedro del Pinatar, een door Unesco beschermd natuurgebied. Er zijn duinen, dennenbossen, rietvelden en prachtige zandstranden waar je flamingo’s en vele andere vogels kunt spotten. Het park is een zoutwinningsgebied waar honderden kleine meertjes als spaarbekkens dienst doen. Zeewater wordt er opgespaard tot het verdampt zodat alleen het zout overblijft. Een prachtige streek om te wandelen of te fietsen; een fiets kun je trouwens voor een prikje huren bij de stad! Toch heeft San Pedro del Pinatar nog een geweldige attractie: de modderbaden bij Lo Pagan. Op de achtergrond glinsteren hagelwitte bergen zout in de zon, maar mijn aandacht gaat vooral naar alle besmeurde mensen op straat. Bezoekers komen van heinde en ver naar hier om zich in te smeren met de ‘geneeskrachtige’ modder uit de zoutbekkens. De ondergrond bevat er flink wat calcium, fluoride, magnesium en jodium.Vooral wie kampt met reumatische klachten of artritis, zou deugd hebben van zo’n bad.De modder moet je laten drogen in de zon tot ze een harde korst vormt. en daarna spoel je alles af. De boulevard loopt dus vol paraderende mensen in dat zwarte goedje.Vermakelijk is het alleszins!
